Clingendael bij voorjaarslicht

Clingendael is een landgoed waar ik af en toe langsga om te fotograferen. Ook deze keer, op weg naar Scheveningen, besloot ik er doorheen te fietsen. De natuur was duidelijk nog niet uit haar winterslaap, zo half februari. Toen toch nog even een zonnetje er doorheen wist te komen kon ik gelukkig snel nog eentje maken van een Egyptische gans in het mooie licht. Daarna maar snel naar Scheveningen doorgefietst.

Scheveningen met spectaculair licht

Aan het begin van dit jaar (ja, ik lig inderdaad wat achter met het posten van de foto’s) gingen we samen met twee vrienden een middag wandelen in de omgeving van Scheveningen. Door een aantal donkere wolken die aankwamen gecombineerd met een ondergaande zon zorgde dit voor een prachtig lichtspel op het strand.

Winters Limburg

Met het sombere weer van vandaag kom ik weer helemaal in de sfeer van de winter. Gelijk moet ik terugdenken aan de kerst die we in Limburg gevierd hebben. Zoveel sneeuw als daar lag heb ik nog nooit gezien. En Limburg was nog nooit zo mooi! Ruim 30 centimeter aan sneeuw, we konden vanuit Den Haag nauwelijks Limburg bereiken. Toch is het gelukt en hebben we tussen de kerstactiviteiten door de kans gezien om de Brunssumerheide op te gaan. Prachtig onder die witte deken. Het leverde de volgende resultaten op:

Kop van Zuid Rotterdam

Na al het fotografie geweld van tijdens onze reis in Namibië was het tijd oven de camera op een stil plekje te leggen en uit te laten rusten. Hij kreeg daar echter niet lang de tijd voor aangezien half december een fotografie uitje op het programma stond met de fotoclub.

De kop van Zuid is een prachtige plek om te fotograferen en dat kunnen we als fotoclub natuurlijk niet negeren. Daarom stonden we op een koude woensdagavond met statieven en afstandsbedieningen klaar om aan de slag te gaan.

Bekende gebouwen in dit gedeelte van Rotterdam zijn onder andere het Luxor theater, de Maastoren en natuurlijk Hotel New York.  Ook heb je vanaf hier een prachtig zicht op de Erasmusbrug. De resultaten van die avond:


De laatste dagen in Namibië

Na de mooie ochtend in Kolmanskop reden we diezelfde dag naar de omgeving van Keetmanshoop om daar te overnachten tussen de kokerbomen. De volgende dag reden we door naar Zuid-Afrika, in de hoop nog een luipaard te kunnen zien in het Kalahari National Park. In het wild hebben we ze helaas niet gezien, wel bij de overnachtingsplek bij Keetmanshoop.
In het Kalaghadi Transfrontier Park zoals het officieel heet en delen van Namibië, Botswana als Zuid-Afrika bestrijkt had het helaas een paar dagen voor onze aankomst geregend waardoor er nog maar weinig dieren te zien waren, maar wel veel leeuwen dus dat was toch nog een waardig einde. Na hier nog een paar dagen gezeten te hebben zijn we weer richting Windhoek gereden vanwaar onze terugvlucht ging. Na nog een dag souvenirs kopen en de auto schoon maken was het tijd om de terugvlucht te nemen. Na veel problemen met een stoel met meer beenruimte te krijgen en een lange vertraging vanwege de sneeuw (!!!) kwamen we uiteindelijk op Dusseldorf aan waar mijn goede vriend Maarten al 4 uur op ons stond te wachten. En dat was het einde van een prachtige afwisselende en indrukwekkende vakantie in een land dat we absoluut iedereen kunnen aanraden!

De laatste serie foto’s van deze reis:

Verlaten mijndorpje Kolmanskop

Dit verlaten mijndorp heeft een korte maar krachtige bloeiperiode meegemaakt toen er in de regio van Luderitz veel diamanten gevonden werden. Kolmanskop werd binnen korte tijd opgebouwd en met Duitse standaarden, grondig dus. Het dorp heeft een tijdlang onderkomens geboden aan de mijnwerkers. De reisorganisatie Allovertours schrijft er het volgende over:

Een paar kilometer landinwaarts vanaf Luderitz vind je Kolmanskop (ofwel Kolmanskuppe): ‘boom town’ dat een spookstadje werd. Begin 20ste eeuw lagen de diamanten hier letterlijk voor het oprapen. Om de diamantmijn heen werden huizen gebouwd, en zelfs een casino en een kegelbaan. Maar er rustte geen zegen op dit dorp. De watertoevoer was een groot probleem en de Namib woestijn rukte op. Na de Eerste Wereldoorlog stortte de markt in en toen in de jaren dertig de productie afnam, werd de mijnbouw verplaatst naar Oranjemund. De huizen werden onder het zand bedolven, maar zijn sindsdien grotendeels uitgegraven. Toch blijft de woestijn oprukken en loop je hier tot je knieën in het zand door een huis.


En juist dat oprukkende zand maakt dit stadje enorm fotogeniek. Wij stonden daarom bij het eerste zonlicht aan de poort om dat te gaan bekijken: